Santiago de Compostella

‘s Morgens om 6.45 uur word ik wakker en automatisch zwaaien mijn benen uit bed en kijk ik naar buiten. Het lijkt droog te zijn! Dan realiseer ik mij dat ik er ben, ik hoef niet meer te lopen. Ik kruip nog even in mijn warme bed. Langzaam dringt het door. Ik ben er. Ik maak de verslagen van de laatste dagen. Het gekke is dat het daardoor werkelijkheid wordt. Door het opschrijven “Ik ben er” komt het besef.
Vandaag wil ik op tijd naar de kathedraal.  Wellicht Tweede Pinksterdag zwaait het vat. Mijn compostella ophalen, kopje thee drinken in de huiskamer van het Nederlands genootschap en samen eten met Kitty, die morgen afreist. Maar vooral wil ik terug naar het plein en daar gaan zitten bij steen 0 kilometer.

Ik ben ruim op tijd en zit eerste bank zijbeuken. Mensen en groepen lopen voorbij. Dit is mijn moment van stilte en genieten. In mijn hart weet ik dan al, geen vat vandaag. Maakt niet uit. Er is veel veranderd in de zeven jaar dat ik hier niet geweest ben. De oude kerkbanken zijn vervangen. Er mogen nu bijna geen mensen meer staan. Tijdens de mis gewoon in en uitlopen is er ook niet meer bij. Alles is georganiseerder. Ik mis de oude man voor de collecte. Ik mis de hele collecte omdat ik geen geld bij de hand heb. Hij zou hebben gewacht. Wat er gelukkig niet meer is, zijn de soldaten die er toen stonden, zwaar bewapend, omdat de kathedraal in de top stond voor aanslagen. De non die altijd zong was er nu ook niet (meer),wel een hele mooie tenor in de Italiaanse traditie.
Ik loop later door de crypte en denk aan de inscriptie in Vezelay. Het is niet het belangrijkste wat hier wel of niet rust, maar wat het tot stand brengt.
Het beeld van Jacobus omhelzen mag ook niet meer. Hoeveel mensen hebben dit in het verleden niet gedaan, je armen erom heen gelegd. Ik besef dat ik tien jaar geleden zoveel geluk heb gehad. Natuurlijk alles verandert, wij veranderen. 

Wat niet verandert, is de lange rij bij het pelgrimsbureau om je compostella op te halen. Ik besluit morgenochtend maar vroeg te gaan. Wel ga ik naar boven naar de huiskamer van het Genootschap. Daar is niets veranderd. Dezelfde warme ontvangst. De gezamenlijke verhalen. Ik knabbel aan een biskwietje en zet mijn stempel mijn pelgrimspaspoort, bijna vol.

Vandaag is Joep jarig. Mijn kleinzoon, tien jaar oud. Geboren tijdens mijn eerste camino. Hij wil Donald Duck boeken voor zijn verjaardag. Toen, tien jaar geleden kocht ik in Frankrijk een Frans Nijntjeboek en bracht een boekhandelaar, vijfenveertig kilometer van Santiago verwijderd, speciaal een Spaanse uitgave. Donald Duck in het Spaans zou toch veel makkelijker zijn? Kitty en ik lopen totaal verwonderd boekenwinkel in en uit. Nergens een Donald Duck! Als Amerikaanse begrijpt zij er ook niets van. Het leuke is wel, dat je zo de stad doorkruist op een andere manier. Op een tweedehands boekenmarkt genoeg Asterix en Obelisk, maar geen Donald Duck en Kuifje. Bij een gamewinkel vindt een meisje een boekje. Ik ben tevreden. 

Ook Kitty en ik nemen afscheid. Of we elkaar ooit weerzien is altijd de vraag. Maar het elkaar hebben leren kennen, dat is het waardevolle.
De juiste mensen,
op de juiste plaats en tijd.

Geef een reactie

Dit bericht heeft 3 reacties

  1. henk ursem

    Bedank Tineke , voor je mooie verslag van het laatste deel van Camimo de la Plato, fijn dat het eindpunt heb gehaald zonder lichamelijke gebreken .gefeliciteerd met het mooie resultaat .

  2. Annet

    Geweldig. Wat een doorzetter. Het is je gelukt!

  3. Martien Michielse

    Gefeliciteerd namens groep Vessem met de Go Ahead supporter.